de boekenkast

Ik zal het nu maar toegeven: mijn man Ludo kan best moeilijk doen, vooral in december. We hebben in onze familie, die voornamelijk uit vrouwen bestaat, een rijkelijke manier van schenken met kerstmis en we zijn vlot in het strooien van hints en het bedenken van verrassingen voor elkaar, maar elk jaar blijven we zitten met het probleem man. Papa heeft niks nodig. Eén keer, een jaar of vijf geleden, heeft hij daar een uitzondering op gemaakt. Blijkbaar heeft hij toen op vragen uit verschillende hoeken geantwoord: ik heb weinig sokken, en ze zijn allemaal saai. Het gevolg is dat hij nu een vijftigtal paar sokken heeft, waarvan hij sommige niet durft dragen. Elke keer als er een sok in de was zijn partner verliest, slaak ik een zucht van opluchting.

Eind november zijn onze monden opengevallen van verbazing. Mijn man liet weten dat hij voor kerst een boekenkast wil. Mijn eerste idee: dat is best veel gewild voor aan man zonder wensen. Maar nu staat er dus een kast van Zweedse makelij, vier kasten eigenlijk, vier meter op tweevijftig, achtentwintig vakken, een hele muur vol.

De kast leert veel over de rolverdeling in dit huis. Mijn oudste dochter stond erop de kast alleen in elkaar te zetten, op voorwaarde dat we tijdelijk onder de voeten uit gingen. Ze heeft dat voortreffelijk gedaan. Toen de kast af was, mooi en leeg en veilig verankerd, had ze er geen interesse meer voor. Toen is de administratief sterke helft van de bewoners aan de slag gegaan, mijn man en mijn jongste dochter dus. Zij hebben de kast ingedeeld in sectoren.  Sector 1 en 2: literatuur. Sector 3: recente boeken aan mijn werk verwant. Sector 4: mixed bag, boeken over toerisme, woordenboeken, herinneringen aan ons vorig werk. Binnen sector 1 en 2 heerst een militaire orde: alle boeken met dezelfde schrijver naast elkaar. Het werk van een Engelstalige auteur kan in geen enkel geval naast een Nederlandse collega staan. Enzovoort. Gelieve deze orde niet te verstoren mama.

De kast leert ook veel over mijn leven. Drie jaar geleden ben ik van kast twee naar kast drie gesprongen. Ik heb veel boeken die je zou kunnen omschrijven als literatuur. Veel Duitstalige boeken ook. Heel wat reeksen heb ik, meer dan twintig jaar oud, en geen enkel boekje ervan mag weg. Ik kan geen afscheid nemen.

Staande voor mijn boekenkast kom ik tot een nieuw inzicht. Bij een literair boek koop je de auteur. Je legt de nieuwe Lize Spit onder de kerstboom, de nieuwe Herman Koch, de nieuwe Griet Op de Beeck. De titel is van minder belang. Niet-literaire boeken zijn anders. Ze hebben open ruggen. In de boekenwinkel spreken hun titels aan, ze werven, ze lokken, ze geven hun inhoud al prijs: Zware dagen dragen, Dicht bij het einde, terug naar het begin, Wijsheid in gesprekstherapie, Kort lontje, Het design van onderwijssystemen, De kunst met jezelf te leven, Activeer je nervus vagus, Leef als een monnik, Het puberende brein, Ondeugend ouder worden. Ze verkopen zichzelf onder het motto “What you see is what you get”. Als je ermee thuiskomt, zal je wel zien wie de auteur is.

Na mijn heengaan zal de opvolger van De Slegte hier even komen kijken en hoofdschuddend wegwandelen met tien boeken of zo uit de linkerhelft van de kast, in ruil voor tien euro. Tot dan zullen ze grote emotionele waarde hebben, want ze staan symbool voor wie ik was. Stiekem hoop ik dat hij nog wel een extra cent wil achterlaten voor de rechterkant, de kant met de sprekende titels, die veel vertelt over wie ik geworden ben.

Previous
Previous

jouw glansrol

Next
Next

soli(d)tair